Posted by John on 03/28 at 04:47 PM

De parkeervraag in transitie

Parkeren en Smart Mobility, 2019 en verder
In december jl. zijn door het CROW nieuwe parkeerkencijfers gepubliceerd. Deze cijfers zijn vaak de leidraad voor de parkeerbehoefte bij nieuwe ontwikkelingen. De cijfers zijn nauwelijks gewijzigd ten opzichte van de vorige publicatie uit 2012. Dit is enerzijds een goed teken, het betekent voor een deel dat we de afgelopen jaren in Nederland goede parkeer- en verkeerssituaties hebben geadviseerd. Anderzijds staat de autowereld en ook de parkeerwereld niet stil.
 
Met name in sterk stedelijke gebieden is het maatwerk en hebben gemeenten daarom al jaren een eigen parkeerbeleid. Met deelauto’s die reeds worden ingezet en autonome voertuigen die het toekomstige straatbeeld naar waarschijnlijkheid zullen vullen, is er steeds meer behoefte aan maatwerk en flexibiliteit. Ook vanuit de kant van gebiedsontwikkeling zijn door verstedelijking slimme oplossingen nodig. Om de noodzakelijke woningvraag te realiseren is niet altijd de benodigde/gewenste ruimte aanwezig om te voldoen aan de gemeentelijke parkeernorm.
 
Een passende maar flexibele parkeerbalans
Een lage parkeernorm is geen doel op zich, het doel is een passende parkeerbalans. Het spanningsveld bij het voldoen aan de parkeernorm ligt bij het voorkomen van een tekort, waardoor bezoekers wegblijven van de bestemming. Maar ook een overschot is nadelig. Zo voorziet een ontwikkelaar liever extra woningen op de ruimte waar geen parkeerplaatsen nodig blijken. Op deze manier kan het afwijken van de theoretische behoefte op verschillende disciplines (ruimtelijk, maatschappelijk, financieel, etc.) nawerken.
 
Trends
Het autobezit per huishouden
Met de komende trends in de wereld van verkeer en parkeren zal de parkeerbehoefte bij functies gaan bewegen. Waar de meeste huishoudens nu nog over één, twee of zelfs drie auto’s beschikken, kan zeker een tweede of derde auto op (korte) termijn worden vervangen door een deelauto die beschikbaar staat in de buurt. Onder starters en één persoonshuishoudens heerst volgens het CBS reeds minder de behoefte van het bezitten van een auto. De parkeerbehoefte voor een ontwikkeling in 2019 of 2020 kan hierdoor behoorlijk gaan wijzigen en in de jaren daarna.
 

Minder ruimte voor dezelfde mobiliteitsvraag
 
Gefaseerde realisatie van parkeerplaatsen
Naast een lagere norm kan ook een gefaseerde aanpak uitkomst bieden. Door eerst de minimale parkeerbehoefte te realiseren, kan met monitoring worden bepaald of de overige ruimte ook daadwerkelijk nodig is voor parkeerplaatsen. Zo niet, dan kan dit worden ingezet voor groen of andere invulling.
 
Hogere toelaatbare bezetting
In stedelijke gebieden zijn vaak (openbare) parkeerterreinen en –garages aanwezig. Deze voorzieningen zijn steeds vaker ‘slim’ ingericht. Dit betekent dat op een parkeerroute vaak al dynamisch wordt weergegeven hoeveel parkeerplaatsen ergens nog vrij zijn, ook intern op de parkeerwegen. Zoekverkeer (naar een vrije parkeerplaats) wordt hierdoor beter gestuurd. De gewenste bezettingsgraad van 85% die al jaren geldt, hoeft hierdoor niet altijd meer maatgevend te zijn.
 
Transitiefase
Voor een deel van de parkeerbehoefte (vaak 10 of 20%) worden nu al reguliere parkeerplaatsen vervangen door enkele parkeerplaatsen met deelauto’s. Dit kan de komende jaren gaan stijgen tot bijvoorbeeld 50% reductie in reguliere parkeerplaatsen. Dit is de transitie waar we ons in bevinden. De transitie die vraagt om maatwerk en flexibiliteit, om ook in te spelen op de toekomst. Een toekomstig beeld waarbij overschot in ruimte kan worden benut voor andere doeleinden.
 
Wij gaan graag samen met u deze transitie in en kunnen u naast de traditionele benadering bij parkeervraagstukken op meerdere gebieden adviseren:
  • Deelauto’s, deelfietsen en goede OV-bereikbaarheid: het inzetten van deelauto’s, bijvoorbeeld 20% van de parkeerbehoefte, kan leiden tot een reductie van het te realiseren parkeeraanbod. Ook een goede locatie ten opzichte van het OV of het extra inzetten van fietsparkeerplaatsen kan hierin bijdragen;
  • MaaS: een stap verder qua openbaar vervoer en de koppeling met vervoers-/ deeldiensten. Het koppelen van meerdere vervoersdiensten aan elkaar, bijvoorbeeld te gebruiken via één medium, maakt dat een ontwikkeling een afwijkende (lagere) parkeerbehoefte zal hebben;
  • Reductie van bezoekersparkeren: In de meeste beleidsstukken, als ook in de landelijke richtlijnen van het CROW, is een norm voor bezoekers opgenomen van 0,3 per woning. Vaak is dit een overschatting en kan al worden volstaan met een norm van 0,1, wat in een flinke bouwopgave een behoorlijke reductie kan opleveren. Bijvoorbeeld een veldonderzoek kan dit voor de omgeving uitwijzen;
  • Doelgroepen met een laag autobezit: studenten, maar ook starters en eenperoonshoudens beschikken vaak niet over een eigen auto. Dit is een trend die reeds zichtbaar is. Ook onder andere doelgroepen zal deze trend zich naar verwachting doorzetten. In stedelijke gebieden of bij ontwikkelingen met een specifieke doelgroep zijn aanpassingen in de parkeerbehoefte mogelijk. 
Centrale voorzieningen combineren met mobiliteitshubs:
‘de toekomst van mobiliteit bij verstedelijking’
 
Toekomstbeeld
Iedere locatie heeft haar eigen mogelijkheden en beperkingen. Uiteindelijk heeft een deelauto of zelfrijdende auto ook een parkeerbehoefte. Voor een goed concurrerende bereikbaarheid van de auto dient er voldoende aanbod te zijn van alternatieven, een soort beschikbaarheidsgarantie. Bij een dichte stedelijkheid of verstedelijking zal het clusteren van voorzieningen met een goed aanbod aan vervoersdiensten een goed potentieel bieden (in concurrentie met de auto). Deze trend zal steeds meer zichtbaar zijn (in stedelijke gebieden).
 
Bovendien zijn de alternatieve die al jaren worden voorgedragen, zoals het overstappen naar de fiets of het openbaar vervoer (OV) niet even reëel meer, ook deze modaliteiten ervaren ter plaatse al capaciteitsproblemen.
Hierdoor is het steeds vaker noodzakelijk om naar ‘slimme’ mobiliteitsoplossingen te zoeken.
 
Rho adviseurs voor leefruimte
Momenteel werken wij aan parkeeronderbouwingen voor ontwikkelingen van 2 tot 2.000 woningen, ook in hoog stedelijk gebied. Ook voor verkeerskundige oplossingen in verkeersstructuur, verkeerscirculatie (marcro-niveau) en op kruispunt- en wegvakniveau (micro-niveau) adviseren wij u graag. Dit doen wij bij woningbouwontwikkelingen maar ook voor andere markten als bedrijventerreinen, winkelgebieden en recreatiegebieden.
 
Rho adviseurs helpt u graag met het zoeken naar de mogelijkheden.
Via deze link https://www.rho.nl/portfolio vindt u een aantal van onze referenties.
Heeft u ook verkeerskundige vraag, neem dan contact op met Hans van Riet of Roel Meijs via 010-2018555.